Elk jaar,
elke zonnewende, opnieuw;
de Zon staat laag,
de herfst knaagt aan mijn gebeente,
slagregens, en novemberstormen.
Ik heb het koud,
voel me ellendig, eenzaam;
de natuur sterft,
en ieder jaar,
sterf ik een stukje mee.
Nu is de winter, aanstaande,
onder tien Celcius, gaat het rap;
bomen zijn staketsels,
van dode takken,
reikend, naar de hemel.
De goedheiligman doet zijn best,
met de Kerstman;
maar de warmte in mijn hart,
ligt niet in pepernoten, chocolade initialen,
of een kersttak, in mijn glühwein.
Elk jaar,
doorsta ik deze ellende;
telkens wacht ik weer,
op de terugkeer
van de lente.
Einde, van de winter die komt...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten